Categorie archief: Games

Recensie: Call of Juarez: Bound in Blood (****)

Never a dull moment in deze Call of Juarez: Bound in Blood, een vervolg (eigenlijk een prequel voor wie mierenneukt) op de eerste Call of Juarez uit 2007. De actiescènes zijn prima gechoreografeerd, er zit een uitmuntende variatie in, en je krijgt potdorie een portie bullet time erbovenop. Voor de Amerikcanafreaks: de actie brengt je van de frontlijnen van de Amerikaanse burgeroorlog via het ongetemde westen van de Verenigde Staten naar Mexico, eventjes terug naar het hete zuiden en het onherbergzame noorden van de staat Arizona, om met een vette climax af te sluiten in een Azteekse begraafplaats terug in Mexico. En tijdens die hele rit, die ongeveer zeven à acht uur duurt, verveelt je je letterlijk geen moment. Wanneer je het einde van de game bereikt heb je soldaten van het noordelijke én zuidelijke leger, corrupte sheriffs, Amerikaanse en Mexicaanse bandieten, en Apache-, Comanche- en Navajo-indianen omgelegd. Bovendien heb je meermaals grote hordes tegenstanders neergemaaid met een gatlingmitrailleur (halverwege pleeg je een schitterende vlucht in een huifkar, achternagezeten door indianen), en een rivierboot doen zinken met een kanon. Dat alles werd verpakt in een pakkend westernverhaal. Waarin overigens zowat alle vormelementen zitten die je in een western mag verwachten, inclusief een enerverend maar welgekomen minigame waarin je een schietduel moet overleven, en constant je handpalm dicht bij je revolver moet zien te houden om op tijd te vuren.

callofjuarez21En weet je wat het strafste is? De hele zwik, inclusief het erg historisch natuurgetrouwe westernverhaal, werd niet door Amerikanen in elkaar gebokst maar door de Poolse studio Techland. Blijkbaar moet je een Europeaan zijn om de grenzen van het westerngenre te verleggen: zie ook Sergio Leone in zijn spaghettiwesterns en Garth Ennis met zijn stripreeks Preacher. Er staat nog deftige concurrentie aan te komen begin volgend jaar, wanneer Rockstar Games zijn prestigieuze Red Dead Redemption-game denkt te lanceren, maar voorlopig is Call of Juarez: Bound in Blood de beste westerngame die er op de markt is. De voorganger was twee jaar geleden nochtans een teleurstelling, maar de makers hebben goed hun best gedaan om de elementen die tegenstaken in die game weer goed te maken. Het verhaal wordt snediger verteld (geen grote lappen tekst meer op één scherm), de te vervelende puzzelsequenties zijn eruit, en ook de actie werd bijgevezen.

Dus jazeker: vier sterren voor een game die er van de internationale recensentengemeenschap slechts drie kreeg. Maar ook mijn collega-journaille zit er af en toe wel eens naast. Als ik eens mag vloeken in de kerk: Call of Juarez: Bound in Blood is een betere shooter dan de meeste Call of Duty-afleveringen.

Advertenties

Recensie: ‘Ghostbusters: The Video Game’ ****

“Ghostbusters: The Video Game is, in essentie, de derde Ghostbustersfilm”, opperde hoofdrolspeler en scenarist Dan Aykroyd vorig jaar al. En toegegeven: het komt redelijk dicht in de buurt. De openingssequentie voelt aan als het begin van een doorsnee Hollywoodfilm, de originele cast uit de twee films deed het stemmenwerk, en het scenario werd geschreven door Dan Aykroyd en Harold Ramis, die ook al de films penden.
Toch krijgt u als speler niet de kans om in de huid van één van de vier hoofdpersonages te kruipen. In plaats daarvan speelt u een vijfde Ghostbuster, een pas aangeworven groentje, die de avonturen van de vier anderen volgt en pas gaandeweg een centrale rol begint te spelen in het verhaal. Dat speelt zich in 1991 af, twee jaar na de gebeurtenissen in Ghostbusters II, en in een wereld waarin spoken gemeengoed zijn geworden. Het bedrijfje van de Ghostbusters is een onderaannemer geworden voor het stadsbestuur van New York, en de vier moeten constant uitrukken als een soort paranormale rattenjagers.

gbstaypuftGhostbusters: The Video Game werd bij zijn aankondiging op een hoop scepsis onthaald, wat er niet beter op werd toen de ontwikkeling van de game een olifantendracht bleek te worden en er ook een keer of twee van uitgever werd gewisseld. Maar die twijfel was uiteindelijk ongegrond: de game loopt als een tiet, ziet er ook fantastisch uit, en de op het eerste gezicht saaie kernbusiness van de spokenjagers – spoken naar een val leiden met een energiestraal – vertaalt zich verbluffend goed in fijne gameplay. Er werd ook voor een sterke afwisseling in missies gezorgd, zodat u zich niet al te snel zult vervelen, en een paar elementen wijzen erop dat de makers vooral mikken op een publiek dat de eerste film nog tijdens zijn kindsheid heeft gezien.

Zoals een van de eerste missies in de game, die bijna identiek is aan een bekende scène uit de eerste Ghostbusters-prent: u mag met veel pret de feestzaal van een poepsjiek hotel aan gort mag schieten tijdens de jacht op een ontsnapt gedrocht. Ghostbusters: The Video Game is niet het soort game die het medium naar een hoger niveau zal tillen, maar het levert wel iets wat tegenwoordig in veel te weinig games zit: een portie ongegeneerde lulkoek, speciaal geserveerd voor wie de tienjarige in zichzelf nog eens uit zijn kooi wil laten.

Recensie: The Sims 3

Vandaag verscheen in De Morgen een interview met EA’s Sims-topvrouw Nancy Smith. Tegelijkertijd bracht ik wat tijd door met het belachelijk succesvolle The Sims 3.

sims3boxmj8De meeste videogames geven u de kans om een aspirationeel personage te spelen: een held die het universum redt, een geweldenaar die honderden tegenstanders over de kling jaagt, een nietsontziende racepiloot, een dribbelkoning die vijf potten maakt tijdens één enkele voetbalwedstrijd, enzovoort. Waarom kan u in de populairste videogamefranchise aller tijden dan hoogstens een even grote loser spelen als degene die u in het dagelijkse leven al bent?

Omdat Electronic Arts’ megasucces The Sims niet uw dagelijkse burgerleventje op schaalgrootte probeert na te bootsen, maar er een sublimatie van maakt: alsof u uw eigen soapopera dirigeert. Om er niet helemààl een virtueel poppenhuisje van te maken, zit er namelijk wel een behoorlijk spelelement in. Bij de vorige twee afleveringen van de reeks was dat in essentie gewoon de behoeftenschaal van Maslow invullen (eerst welgevoed en proper gewassen zijn, vervolgens geluk zoeken, enzovoort), in de nieuwe versie mag er ook wat drama bij. Want in The Sims 3 gaat het erom een Sim te creëren met een welbepaalde persoonlijkheid, en die – vaak ondanks zijn door uzelf gecreëerde temperament – ook nog eens te laten gedijen in een samenleving. Wie bijvoorbeeld een personage uitbouwt met een wat chagrijnig karakter, zal heel wat moeite hebben om vrienden te maken.

Ik wilde vooral de foolproofness van dat karaktersysteem uittesten, en creëerde dus een Sims-echtpaar bestaande uit de twee meest onsympathieke pezewevers die denkbaar zijn. Hem gaf ik de onmisbare kwaliteiten ‘kwaadaardig’, ‘lafaard’ en ‘kinderachtig’ mee, terwijl zij onder meer een ‘geldwolf’, ‘lichtgeraakt’ en ‘gestoord’ is. Wat blijkt? Elke conversatie ontaardt inderdaad in een hel. Ik liet de twee elkaar bijvoorbeeld een beetje de huid volschelden, om daarna de man een eerste stap te laten zetten om het weer goed te maken. De vrouw duwt hem hardhandig weg, waarna het spel hem onder meer de mogelijkheid aanreikt om haar te zeggen dat ‘haar moeder een lama is’. Net echt!

Voor het eerst kan uw Sim-personage er ook op uit trekken. Dat kon eerder ook in zeer beperkte mate, maar uitgever Electronic Arts maakte gebruik van de recentste generatie computerhardware (opgelet: de systeemvereisten sluiten heel wat oudere pc’s uit) om u deze keer in een volledig uitgebouwde stad onder te brengen. Maar ook binnen uw eigen Sims-huis moet u overigens ordentelijk zien samen te leven. Maar opnieuw is er meer keuze dan ooit: u kunt een traditioneel kerngezin stichten, al dan niet met kinderen, maar kan ook als single door het leven, of hokt samen met twee roomies. Mogelijkheden zat dus, en dat is uiteindelijk ook de grote kracht van The Sims 3: door de keuzevrijheid opnieuw gevoelig op te krikken, en vooral door het persoonlijkheidssysteem, zit er veel meer game in The Sims 3 dan in de vorige twee afleveringen samen.

Correctie: het wordt een goéd gamejaar

Splinter-Cell-GameEnkele posts geleden, en ook in een uitsmijtercolumn in de volgende Gunk, maak ik mijn beklag over de povere staat van nieuwe videogames dit jaar. Maar dat was voordat ik het overvloedig online gebrachte E3-materiaal zag. Bloody hell! Een greep uit de dingen die later dit jaar verschijnen, en qua awesomeness wellicht op zijn minst in de buurt zullen komen van de kleppers vorig jaar:

  • Splinter Cell: Conviction: de makers lijken te zijn teruggekeerd naar de gewone Splinter Cell-canon (in de filmjes die ik zag heeft superagent Sam Fisher gewoon terug een Amerikaanse brosse), maar de actie is donders vernieuwend. Vooral leuk is het ondervragingssysteem, waarin mogelijke onderwerpen in een flou sepiatintje tegen de muren worden geprojecteerd.
  • Left 4 Dead 2: ditmaal knal je zombies voor de kop op klaarlichte dag, en is er ook mèlée-actie (met kettingzagen!) mogelijk.
  • Star Wars: The Old Republic: een MMO die er beter uitziet dan de recente filmtrilogie.
  • Assassin’s Creed 2: revanche voor de eerste game, die onterecht matige kritieken te verwerken kreeg.

Het najaar wordt dus nog zo slecht niet, dunkt mij.

Gameclassic: ‘Indiana Jones and the Fate of Atlantis’

Fate_of_Atlantis_artworkGeorge Lucas’ actieheld Indiana Jones is een archeoloog, en archeologen bestuderen artefacten uit de oudheid die ze al dan niet zelf uit de bodem hebben gehaald. Een film duurt maar twee uur en moet dus vooruitgaan, waardoor je de held in de films nooit in de bodem ziet morken. Dat gebeurde pas in 1992, toen Indiana Jones and the Fate of Atlantis op de markt kwam, de eerste videogame die de Indiana Jones-canon verderzette na de films. Een van de vele logische puzzels die je moet oplossen, bevindt zich effectief op een opgravingssite. Eindelijk eens wat echt archeologenwerk!

The Fate of Atlantis kwam op de markt tijdens de hoogdagen van het point-and-click-adventure. Lucas’ videogamebedrijf Lucasfilm Games had op dat moment een paar ware klassiekers in dat genre op de markt gebracht, en een videogame-adaptatie van Indiana Jones and the Last Crusade, de derde film uit de trilogie, was daar een van. Lucas was zo tevreden over die game, dat hij meteen een opvolger zocht. The Fate of Atlantis werd voorzien van cover-artwork die in de stijl der affiches van de drie films bleef (Harrison Fords kop werd zelfs gebruikt voor de cover, maar zijn stem kwam niet in de game voor), en het verhaal werd in elkaar gestoken op goedkeuring van Lucas zelf. Voor 1995 werd al een opvolger gepland, maar die productie werd stilgelegd.

Pas een vijftal jaar later kwamen er twee geestelijke opvolgers, namelijk Indiana Jones and the Infernal Machine en Indiana Jones and the Emperor’s Tomb, en binnenkort mogen we ons verwachten aan een vierde game, Indiana Jones and the Staff of Kings. Wie de Wii-versie van die laatste koopt, krijgt overigens Indiana Jones and the Fate of Atlantis erbij als ontsluitbare bonus.

Hands-on: ‘Bayonetta’ (Sega)

Vergeet Lara Croft: als je echt een chick wilt spelen die er een lap op geeft, moet je binnenkort Bayonetta in huis halen. Ik  had een eerste hands-on-ervaring met de game in de Belgische kantoren van uitgever Sega.

3469958358_999354ee95Aan videogames met uitzinnige gore zal het gamejaar 2009 alvast niet arm zijn. Eerst kwam Sega met het zieke MadWorld (op de gezinsvriendelijke Wii, nota bene), onlangs nog kliederde je in X-Men Origins: Wolverine het vele bloed dat de film miste rijkelijk tegen de muren op, en dit najaar krijgen we het bijzonder rauwe Bayonetta op ons bord. De eveneens bij Sega op stal zittende game is een soort Devil May Cry op speed, waarin je grote horden tegenstanders kunt fileren met je messen of aan gort kunt schieten met vuurwapens – die je vrouwelijke hoofdpersonage voor de lol aan alle ledematen bevestigd heeft, dus ook aan de voeten.

Als je Bayonetta een beetje goed wilt spelen, zit je vast aan een relatief ingewikkelde besturing, maar de makers van de game hielden het tegelijkertijd nog intuïtief genoeg om gewoon wat buttonmashen toe te staan. Switchen tussen slaan of schieten (voor dat tweede gewoon een beetje langer op de knop drukken) gaat ook nog wel. Maar ingewikkeldere handelingen, zoals meerdere tegenstanders in één zwaai afknallen vanuit een handstandje, vergden tot wel wat oefening voordat ondergetekende ze in de vingers had.

Na die nogal afmattende tutorial, die je beter niet overslaat als je de game een beetje ordentelijk wilt spelen, begint echter de lekkere brok. De level die ik speelde zag er bangelijk mooi uit, en de tegenstanders komen in mooi gechoreografeerde vlagen op je af. Als deze hands-on-ervaring een goeie indicatie is van het eindresultaat, wordt Bayonetta in ieder geval een erg goed gebalanceerde game, met een deftig evenwicht tussen intense actie waarin je heerlijk loos gaat op aanstormende booswichten, en exploratiegedeeltes waarin je rustig kunt rondlopen. Ook de bossgevechten zijn niet min, en leveren eveneens heel wat afwisseling: één van hen grijpt bijvoorbeeld de brug vast waarop je staat, zodat je na het uitdelen van een paar rake klappen in een (gelukkig eenvoudige) quicktime-event naar een ander platform dient te springen.

Aan het einde van zo’n bossfight haalt de bevallige Bayonetta tot slot haar geheime wapen boven: heur haar! Een magische aanval verandert de haren en de kleren van Bayonetta in een torenhoge demon, en die doet iets onbeschrijfelijks met het lijf en de ingewanden van een grote tegenstander. Ik was vooral aangenaam verrast over de subtiliteit waarmee het tijdelijk blote lichaam van Bayonetta wordt getoond: geen blote tiet te zien (want die worden bedekt door rondgonzende haren en repen van haar jurk die zich langzaam weer rond haar lijf drapeert), maar de prachtig gevormde kont van het hoofdpersonage komt wél eventjes prominent in beeld. Een mooie bonus voor al dat noeste gebeuk op de controllerknoppen.

Lees ook mijn coverstory over Bayonetta in het recentste nummer van GUNK!

Het jaar van de ‘Downloadable Content’

Het jaar 2009 zijn we tot nu toe, zoals algemeen bekend, weinig gezegend geweest met nieuwe videogames. Gelukkig zien we uitgerekend dit jaar de grote doorbraak van DLC of downloadable content, wat de levensduur van de goeie videogames die je (vorig jaar) hebt gekocht weer aanzienlijk verlengt. Ondergetekende amuseerde zich bijvoorbeeld al rot met de extra Jedi Temple-level in Star Wars: The Force Unleashed, merkte dat de extra download bij Grand Theft Auto IV het commercieel beter deed dan de fysiek verkochte GTA-titel Chinatown Wars, en is blij dat de downloadbare content bij Fallout 3 nu ook op de PlayStation 3 uitkomt, zodat hij meteen één vierde van de speeltijd van de originele game erbij kan lappen. Als het huidige snertaanbod dus aanblijft, zou het kunnen dat Fallout 3, deel II (met de vijftien uur extra gameplay van de eerste drie downloadable games, vermeerderd met twee nog aanstormende episodische extra’s spreken we eigenlijk al over een volledig vervolg) ook  game van het jaar 2009 wordt. Wie doet beter?fallout-3-facts-that-could-save-your-life-20070701023902318