Waar een copyrightovereenkomst je brengen kan

Afgelopen dinsdag belde mijn vader, sinds jaar en dag Nieuwsblad-lezer, me op om te zeggen dat er een stuk van mij in zijn krant stond. Huh? Ook na mijn overstap naar de middenstand ben ik altijd voor het onafhankelijke dagblad De Morgen blijven werken, en als ik toch had schuinsgemarcheerd zou ik me dat bovedien wel herinneren. Hoe hoerig het freelancerschap ook is: wie voor een krant werkt maakt – in tegenstelling tot hoe het gaat bij een magazine of een website – een gentlemen’s agreement met de hoofdredactie dat hij niet voor andere kranten zal werken.

afbeelding-1

Wat nog straffer is: diezelfde dag meldt Brecht Decaestecker, in vaste dienst bij De Morgen, dat er afgelopen zaterdag ook een door mijzelf ondertekend stuk in De Standaard staat, de erfvijand van De Morgen. Ben ik het slachtoffer van identiteitsdiefstal? Is er één of andere klitsbever zich voor mij aan het uitgeven, en onder mijn naam artikels aan het schrijven in andere kranten dan degene waar ik voor werk? Gelukkig niet: beide artikels waren een afgeleide van een stuk dat ik inderdaad had geschreven, en vorige maand in Clickx verscheen. Clickx is een uitgave van Minoc Business Press uit Turnhout, een dochteronderneming van De Standaard– en Het Nieuwsblad-uitgever Corelio. En bij Minoc, zo stelt het werkcontract dat ik bij hen ondertekende, geldt de regel dat stukken die aan één blad worden geleverd ook in andere bladen mogen verschijnen. En bij andere uitgaven van de Corelio-groep. Waardoor ondergetekende dus, zonder het zelf te weten, een debuut heeft gemaakt bij De Standaard. En in de gazet van zijn pa.

Advertenties

Reacties zijn gesloten.